|

De taak van de psycholoog binnen de cardiale
revalidatie:
Er is een deeltijds psycholoog verbonden aan het team van de cardiale revalidatie. Haar taak bestaat uit twee delen:
- Een hartaandoening kan een ingrijpende ervaring zijn en het vraagt
tijd om deze te verwerken. Sommige mensen hebben last van angst, onzekerheid,
moedeloosheid,…
De psychologe is ter beschikking om deze mensen te helpen in hun verwerkingsproces.
- De psychologe kan u helpen om uw leefstijl te veranderen
om het risico op herval zo klein mogelijk te maken.
Zij kan u adviseren en begeleiden wanneer u moeilijkheden hebt met het
stoppen met roken, het aanpakken van uw overgewicht of het anders leren
omgaan met stress.
Stress als risicofactor bij hartlijden:
Wij leven in een maatschappij waarin het woord stress geregeld
aan bod komt. Waar hebben we het dan eigenlijk over?
Men kan spreken van stress wanneer het evenwicht
tussen de draagkracht en de draaglast van een persoon verstoord dreigt
te geraken.
| + |
Draaglast zijn de ingrijpende ervaringen die we moeten
verwerken, dagelijkse irritaties en spanningen, maar ook positieve
veranderingen in ons leven bijvoorbeeld verhuizen of de geboorte van
een kind. |
| + |
Onder de draagkracht verstaan we de mogelijkheden van een persoon
om met deze draaglast om te gaan. |
Wanneer de draaglast te groot dreigt te worden
in verhouding met de draagkracht spreekt men van stress.
Stress is niet altijd negatief. We hebben stress nodig om goed te presteren
en om adequaat te reageren op bedreigende gebeurtenissen. Tijdens een
stresservaring ondergaat ons lichaam een aantal veranderingen. Deze zijn
zeer natuurlijk en op zich onschadelijk op voorwaarde dat ons lichaam
ook de kans krijgt om te herstellen. Zo zal onder andere onze hartslag
verhogen en onze bloeddruk verhogen onder invloed van stress. Wanneer
dit lange tijd aanhoudt of zeer intensief is kan dit wel ongezond zijn
voor ons lichaam. We kunnen dus spreken van gezonde stress wanneer we
voldoende kunnen herstellen na een stressmoment en we kunnen spreken van
ongezonde stress wanneer dit herstel onmogelijk wordt gemaakt. Ongezonde
stress vormt een risicofactor voor hartlijden.
De kans op ritmestoornissen, hoge bloeddruk, hoge cholesterol en atherosclerose
neemt toe bij het frekwent blootstellen van ons lichaam aan deze stressreactie.
Het is dus belangrijk dat we ook aan deze risicofactor de nodige aandacht
besteden. Binnen onze revalidatie is er de mogelijkheid om begeleiding
te krijgen in het beter leren omgaan met stress, zodanig dat de schade
voor ons lichaam beperkt blijft.
Roken als risicofactor:
Roken verhoogt sterk de risico’s voor hart en vaatziekten.
Rokers hebben twee tot driemaal meer kans om te overlijden aan hart en
vaatziekten dan niet-rokers. Een hartaanval, hartfalen en angina
pectoris (benauwd, beklemd gevoel op de borst) komen vaker en in een zwaardere vorm
voor bij rokers.
| + |
Tabaksrook heeft een negatieve invloed op de samenstelling
van ons bloed en de toestand van onze bloedvaten. Al onze organen hebben
zuurstof nodig om goed te kunnen functioneren. |
| + |
Door het roken kan er minder
zuurstof getransporteerd worden in ons bloed omdat de koolmonoxide uit
de tabaksrook zich vastzet op die deeltjes in ons bloed die normaal onze
zuurstof transporteren. |
| + |
Ook de wanden van onze bloedvaten worden beschadigd door koolmonoxide. |
Roken vergroot dus de kans op het dichtslibben van
onze aders. Hierdoor wordt het risico op een hartaanval groter.
Naast de risico’s voor hartlijden heeft roken
nog vele andere schadelijke gevolgen voor de gezondheid (longen, risico
bepaalde kankers, invloed van passief.roken,…). Tabaksgebruik is in België
in de laatste decennia van de 20ste eeuw verantwoordelijk voor 20.000 doden
per jaar. Stoppen met roken is niet gemakkelijk. Roken is een ernstige verslaving
en een aangeleerde gewoonte. De verslavende substantie in sigaretten is
nicotine. Nicotine heeft een invloed op onze hersenen waardoor we ons beter
gaan voelen. Wanneer je lichaam gewoon is aan een bepaalde dosis nicotine
per dag (vanaf 10 sigaretten per dag) en je neemt deze toevoer plots weg,
dan krijg je ontwenningsverschijnselen. Deze zijn verschillend van persoon
tot persoon, enkele voorbeelden zijn: prikkelbaarheid, zenuwachtigheid,
lusteloosheid, negatieve stemming, hoofdpijn, concentratieproblemen, toename
eetlust,… Deze ontwenningverschijnselen verbeteren geleidelijk in de tijd.
Om te stoppen met roken bestaan er middelen die de toevoer van nicotine
vervangen zonder de schadelijke effecten van sigaretten bijvoorbeeld pleisters,
kauwgom, tabletten,… Deze kunnen u helpen om de eerste periode door te geraken.
Naast het ontwennen van de nicotine dient iemand die stopt met roken ook
een bepaald gedrag af te leren. Hiervoor is het zinvol eerst zicht te krijgen
op de functie van uw rookgedrag. Later kunt u dan proberen dit ongezond
gedrag te vervangen door een meer gezond alternatief. Sommige mensen proberen
geleidelijk het aantal sigaretten af te bouwen. Dit is af te raden omdat
de verslaving nog steeds in stand gehouden wordt en de schadelijke effecten
voor ons lichaam niet verdwijnen omdat we met minder sigaretten dieper gaan
inhaleren om toch de nodige dosis nicotine te verkrijgen. Indien het toch
niet haalbaar is plots te stoppen is afbouwen wel een goede eerste stap.
Onderzoek heeft aangetoond dat de kans om uiteindelijk volledig te stoppen
met roken toeneemt wanneer men het aantal sigaretten eerst vermindert. Binnen
de cardiale revalidatie kunt u een rookstopbegeleiding volgen.
<< terug
| |